HET ZIGEUNERMEISJE (Voor Ivonne)


ware het niet… dat ik haar ontwaarde…
in huizen... in kamers... van personages...
van niet al te aards allooi... ik zou aan haar
dan wennen kunnen... ze waagt een wens...
daarom vervult... ze wulps... menselijk...
’t mijne... en het hunne...

dat gun ik dan... want wie ben ik... die lage...
lage lieden... zij zien... zij zien wat ik niet zeg...
laat mij in stilte zieden...

ware het niet... dat ik haar onthulde...
in buizen... in tranen... bij lage standen...
van niet al te nut niveau... ik zou aan haar
best bieden kunnen... een meiertanend mens...
derhalve keert... ze kuls... kennelijk...
’t dikkopliggend dunne...

daar sta ik dan... met onfatsoen... die lage...
lust te bieden... zij zijn... zij zijn niet en ik leg...
mijn oor te hoor aan lied’ren...

noem het niet kazen... in een doek...
noem het niet glazen wanden...
dan ben ik maar... jouw joker...
kaart... maar leg mij niet...
aan banden...

noem het niet leven... in een farce...
wij zijn majeur genoeg...
majoriteit... jouw grote troef...
marcheert... geheven
handen...

wat een werk...

neen... noem het leven met mij...
noem het... leven met mij...

noem het leven... met mij...

en... ’t zal anders zijn...

09-02-2006