Archief: Maart 2003, Simone en het gifgroene kikkertje
Archief: April 2003, Ronde vormen, brede kaken
Archief: Juni 2003, Van beest naar mens naar bionisch monster
Archief: Februari 2004, Mode d'emploie en de moordende onschuld
Archief: Juli 2004, Relnichten, hun idolen en de heteroseksuele man
Archief: December 2005, De hiaten in de herinnering der doorsneetypes
Archief: Januari 2006, Winterwende
Archief: Februari 2006, Futurum
Archief: Maart 2006, Een goede buur, een verre vriend
Archief: April 2006, Opgehokt staat netjes?
Archief: Juli 2006, Licht uitzinnig
Archief: Januari 2007, Het belagen en het belang van beursbeesten (een Amerikaans sprookje)
Archief: Augustus 2010, Stormvogels

 

DE ZWERFKATTEN VAN ZOLA

De levenden leven er niet en hebben er ook nooit echt geleefd. De doden beroeren er de snaren van de harp der nieuwsgierigheid, die in elk van de toevallige passanten een huis heeft. En als altijd weten de levenlozen je er naar binnen te zuigen. En als altijd begeeft de bezoeker zich op een odyssee die niet in de planning stond en daar eigenlijk alleen bij toeval in terecht is gekomen. De zerken, de pilaren, de tombes: reclamezuilen gericht op een doelgroep van historici en literaire fanaten. De heuvels, de paden, de afdelingen: een gedetailleerde kaart van het onderbewustzijn. De plaats? Cimetière Montmartre. De tijd? De enige juiste. Voor mensen zoals jij en voor mensen zoals wij is het altijd de juiste tijd voor een irrationele pelgrimage.

Met slepende tred trokken we strepen op het wegdek van de Rue Caulaincourt. Trokken we letters in de door de hoofdstedelijke schoonmaakdienst bevochtigde lanen. Vormden we aldus woorden, dan waren deze afkomstig uit dat waar de eerdergenoemde kaart naartoe leidde. Het eeuwige onderbewuste: daar gistte en borrelde het dat het een aard had. Onder het viaduct dat naar de ingang leidde - en dat, voor zover wij dat kunnen nagaan, heden ten dage nog altijd doet - zagen we de toegang tot de zompige aarde die de ondergrond vormde voor het Pantheon der artistieke wereldburgers. Op de centrale begraafplaats van dit arrondissement (het 2e) vonden giganten als Heine, Stendahl en Nijinsky hun laatste rusteloze rustplaats.

Mais, je vous accuse! Ons was het die ochtend niet te doen om deze groten der aarde. Ons was het niet te doen om hen die op de een of andere manier hun stempel op de wereld hadden gedrukt. Veeleer waren wij op zoek naar één van de allergrootste en allerinvloedrijkste personen van de afgelopen eeuwen. Onze zinnen waren gezet op niemand minder dan Émile Zola: pamflettist, literator, aanklager, banneling en held in é én persoon verenigd. De man die afdaalde naar de goot om de verstotenen der aarde te leren kennen en door zijn schrijven hun erbarmelijke situatie onder de aandacht te brengen. Ook wij daalden af. De uitgesleten trap aan de Avenue Rachel was onze doorgang en opmaat naar ten volle verlangde armzaligheid.

Aldus deden we ronde en rotonde. Aldus ontweken we zwerf en kei. Een in de zon van vele zomers verkleurde plattegrond gaf tamelijk nauwkeurig aan waar onze man ter aarde was besteld. Desondanks was het, mede vanwege het hoge aantal tomben per vierkante meter, bepaald geen sinecure de juiste plaats te bepalen. Totdat, achter een grotendeels vervallen crypte (waar schijnbaar nog steeds de torenhoge grafrechten voor betaald werden), een zwarte zwerfkat met een rode staartpunt tevoorschijn sprong. Als een vlammende pijl schoot hij een heuvel op en als in trance volgden we het schichtige beest. Luid en duidelijk klonk zijn onweerstaanbare gemiauw in onze inmiddels aan de stilte van de begraafplaats gewende oren.

Rond het monument met de krachtige, zelfverzekerde buste van de gelauwerde literator krioelde het van het blijvend uitschot van de Franse hoofdstad. Iemand declameerde een ontroerende passage uit l' Argent en we meenden instemmende knikjes van de talrijke kattenkoppen en onder de aanwezige toehoorders te mogen ontwaren. Plotseling was het fluisterstil. De levenden leven er niet, maar zij die daar zevenmaal toe in staat worden gesteld, kunnen het zich permitteren de tijd te nemen. Teruglopend naar de Boulevard de Clichy volgde het diertje met de roodgepunte staart ons in de richting van de metro. Hij leek vastberaden vanaf heden een andere weg te bewandelen en een nieuw voorbeeld te volgen.

M.J.C.A. 15-08-2010